Direct naar de content van deze pagina

Samenwerken

De Consumentenautoriteit opereert in een druk speelveld. Veel maatschappelijke organisaties, initiatieven van zelfregulering en toezichthouders zijn actief op het gebied van consumentenbescherming. Een goede samenwerking en afstemming met deze partijen is daarom voor de Consumentenautoriteit heel belangrijk.

Private organisaties en initiatieven van zelfregulering

Organisaties als de Consumentenbond, Stichting de Ombudsman, Stichting Reclame Code, Stichting Geschillencommissies, andere initiatieven van zelfregulering en overlegorganen als de Commissie voor Consumentenaangelegenheden van de Sociaal Economische Raad (SER) spelen een belangrijke rol bij het beschermen van consumenten.

De Consumentenautoriteit is gebouwd op dit 'private fundament'. Dit betekent dat de Consumentenautoriteit geen taken of bevoegdheden van bestaande organisaties overneemt. Zo zal de Consumentenautoriteit bijvoorbeeld met de Stichting Reclame Code afspreken dat inbreuken op de regels van misleidende reclame in beginsel door de SRC zullen worden behandeld. Als een aanbieder zich onttrekt aan de reclamecode of een oordeel van de SRC in de wind slaat, kan de Consumentenautoriteit optreden.

Kort gezegd geldt: waar mogelijk werkt het toezicht door de Consumentenautoriteit aanvullend op de activiteiten van de genoemde organisaties, waar nodig versterkend.

Per geval zal de Consumentenautoriteit beoordelen of er een rol voor haar is weggelegd.

Maatschappelijk Overleg

Om te zorgen voor een goede aansluiting van haar activiteiten op die van andere organisaties, zal de Consumentenautoriteit ieder kwartaal een maatschappelijk overleg voeren met consumenten- en ondernemersorganisaties. Daarnaast zal hetoverleg een signaalfunctie hebben.

De Consumentenautoriteit vraagt maatschappelijke organisaties de Consumentenautoriteit te informeren over de effecten en de doeltreffendheid van de uitvoering van haar wettelijke taken. De Consumentenautoriteit ziet het maatschappelijk overleg bovendien als een belangrijk middel om voeling te hebben met 'de markt' en om onderling informatie uit te wisselen over trends en ontwikkelingen die van wederzijds belang zijn.

Andere Nederlandse toezichthouders en het Openbaar Ministerie

Verschillende toezichthouders kunnen al optreden tegen inbreuken op regels van consumentenbescherming in een bepaalde sector. Dit geldt voor de OPTA, de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en de NMa/DTe als sectortoezichthouders voorrespectievelijk de post- en telecommarkten, de gezondheidszorg en de energiesector.

In een geval waarin zowel de Consumentenautoriteit bevoegd is om op te treden (op basis van de Wet handhaving consumentenbescherming) als een van deze toezichthouders (op basis van sectorale regelgeving) geldt, dat het sectortoezichtvoorrang heeft: de Consumentenautoriteit treedt dan in beginsel niet op. Hierover worden met de OPTA, de NZa en de NMa afspraken gemaakt. Ook met de Autoriteit Financiele Markten (AFM), de toezichthouder die bevoegd is om regels van consumentenbescherming in de financiële sector te handhaven, zal waar nodig afstemming plaatsvinden.

Bovendien kan het voorkomen dat een inbreuk op regels van consumentenbescherming ook is te kwalificeren als een strafrechtelijk delict. In dat geval is er een overlap met de bevoegdheid van het Openbaar Ministerie (OM) en moet duidelijk zijn of de Consumentenautoriteit of het OM optreedt. Met het OM zullen hierover samenwerkingsafspraken worden gemaakt.

Toezichthouders

Behalve de Consumentenautoriteit zijn ook andere Nederlandse toezichthouders aangewezen als bevoegde autoriteit, ieder voor hun eigen aandachtsgebied: de AFM, het Commissariaat voor de Media, de Inspectie voor de Gezondheidszorg, deInspectie Verkeer & Waterstaat en de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA).

Om de uitvoering van de Verordening te coördineren, moet er in elke lidstaat een 'verbindingsbureau' zijn. In Nederland is deze taak ondergebracht bij de Consumentenautoriteit. In deze rol zal de Consumentenautoriteit dus samenwerken met genoemde Nederlandse toezichthouders en buitenlandse autoriteiten, zodat verzoeken om bijstand zo snel mogelijk terechtkomen bij de juiste toezichthouder.

De Consumentenautoriteit werkt buiten Europa ook nauw samen met consumententoezichthouders, zoals de Federal Trade Commission in de Verenigde Staten.

Samenwerkingsafspraken ConsuWijzer

Ook het informatieloket ConsuWijzer van de Consumentenautoriteit, OPTA en NMa heeft te maken met een groot aantal partijen waarmee wordt samengewerkt en waarnaar zij indien nodig doorverwijst. Hierbij valt te denken aan partijen als het Juridisch Loket, de SGC, de SRC en andere toezichthouders zoals de AFM en de VWA.

ConsuWijzer heeft met deze en andere partijen samenwerkingsafspraken gemaakt over ondermeer het wederzijds doorverwijzen van consumenten, het elkaar op de hoogte houden van relevante ontwikkelingen en het uitwisselen van informatie.

Internationale samenwerking

Consumentenmarkten stoppen steeds minder bij landsgrenzen. Goede samenwerking tussen instanties die optreden tegen grensoverschrijdende inbreuken op consumentenregels wordt daarmee steeds belangrijker. De Consumentenautoriteit beschouwt dit onderdeel van haar werkzaamheden als één van haar kerntaken.

Doel van een nieuwe verordening van de Europese Unie is om de samenwerking tussen consumententoezichthouders te versterken. Bevoegde autoriteiten in verschillende lidstaten kunnen elkaar vanaf 2007 om bijstand verzoeken bij het bestrijden van grensoverschrijdende inbreuken.

De Consumentenautoriteit is aangewezen als 'bevoegde autoriteit'. Dit betekent dat de Consumentenautoriteit een verzoek kan ontvangen van bijvoorbeeld de Belgische toezichthouder om op te treden tegen een Nederlandse aanbieder die zich richt op consumenten in België en daarbij regels van consumentenbescherming overtreedt. De Consumentenautoriteit heeft in beginsel de verplichting om aan een dergelijk verzoek gehoor te geven.


Gerelateerde informatie