Er bestaan veel misverstanden over garantie en het recht op een deugdelijk product.
Een aantal voorbeelden:
Misverstand: Zonder bon geen reclamatie
In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht is een consument niet verplicht een kassabon te overleggen op het moment dat hij met een ondeugdelijk product bij u terug komt. Wel kunt u verlangen dat hij aantoont dat het product bij u isgekocht. Dat kan met de aankoopbon, maar ook met een bankafschrift of een ander bewijs.
Misverstand: Niet goed, recht op een tegoedbon
In de praktijk komt het vaak voor dat een ondernemer een consument bij reclamatie een tegoedbon geeft. Komt een klant echter bij u terug met een ondeugdelijk product en is reparatie of vervanging niet mogelijk, dan heeft de consument rechtop teruggave van het aankoopbedrag. Een tegoedbon kunt u wel aanbieden, maar hij hoeft die niet te accepteren.
Misverstand: Klachten moeten binnen 48 uur worden gemeld
De wet verplicht de koper zijn klacht bij de verkoper te melden binnen een bekwame tijd nadat hij een gebrek aan het aangekochte heeft ontdekt. Gebeurt dit niet, dan verliest de koper zijn rechten ten aanzien van de non conformiteit. Voor een consumentenkoop is echter bepaald dat een melding binnen twee maanden na ontdekking nog tijdig is.
Misverstand: Ik kan mijn schade ook nergens verhalen
Een veel gehoorde klacht van ondernemers is dat zij volgens de wet tegenover de consument vergaande verplichtingen hebben, terwijl zij zelf niemand voor door hun geleden schade kunnen aanspreken. In artikel 25 van boek 7 Burgerlijk Wetboek is echter een zogenaamd "regresrecht" voor verkopers op hun voorman opgenomen. Als u een consument schadeloos stelt omdat u hem een ondeugdelijk product heeft verkocht, kunt u de door u geleden schade in principe dus op uw leverancier verhalen.
Misverstand: Geen rechten tijdens de uitverkoop
Ook als u producten in de uitverkoop tegen een lagere prijs aanbiedt, moeten ze aan de overeenkomst beantwoorden. In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt heeft een consument dan ook het recht een afgeprijsd product terug te brengen alshet een mankement vertoont dat hij niet had hoeven verwachten. U moet het dan (laten) repareren. Als u dat niet kunt of wilt, moet u het vervangen. Wel kan de reden voor het afprijzen van het product maken dat de consument minder van het product mag verwachten. Dit moet dan wel duidelijk voor hem zijn voordat de overeenkomst tot stand komt.
Misverstand: Ik mag 3 keer repareren voordat de consument recht heeft op vervanging
Niet juist. De consument kan kiezen uit herstel of vervanging. U kunt slechts volstaan met reparatie als vervanging in een specifiek geval niet redelijk zou zijn. Het gebrek aan het product zou dan (zeer) beperkt moeten zijn, waardoor het onredelijk is om een geheel nieuw product te leveren.
